Wat is een internaat?

Op internaat kunnen kinderen en jongeren de schoolweek doorbrengen met vrienden. Het internaat biedt hen ook de nodige structuur en regelmaat. De opvoeders ondersteunen hen en zorgen voor de nodige (studie)begeleiding. Het internaat biedt ook ruimte om aan een waaier van activiteiten te kunnen deelnemen. Internaten dragen zo bij tot de ontwikkeling en de ontplooiing van internen. Om dit te realiseren hanteren ze vier pedagogische basisdoelen

Katholieke internaten

Katholiek Onderwijs Vlaanderen telt 99 onderwijsinternaten. Deze zijn verspreid over vijf verschillende regio’s: 43 in West-Vlaanderen, 22 in Oost-Vlaanderen, 14 in Limburg, 11 in Mechelen-Brussel en 9 in Antwerpen. Vanuit een katholiek opvoedingsproject willen onderwijsinternaten bijdragen aan de ontwikkeling en de ontplooiing van internen. 

De meeste internaten werken samen met meerdere scholen. 

De helft van de internaten vangt naast leerlingen secundair onderwijs ook leerlingen basisonderwijs op. Een vierde biedt zondagavondopvang aan.

Een aantal internaten biedt flexible opvang aan na overleg:

  • Mogelijkheid tot volgen van training of les tijdens de internaatsuren
  • Tijdelijke opvang (ouders op reis, zieke ouder …)
  • Tweewekelijkse opvang (co-ouderschap)
  • Externen studeren op internaat

Hugo Costeur: “Leren omgaan met verschillen is de grootste meerwaarde van het internaat”